Leer improviseren. 2004-2005. Les 02: ritme.

Muziek is een dynamische kunst. Ieder moment verandert. We zullen het daarbij niet hebben over geluidstrillingen, die interessant zijn voor de instrumentbouwer, maar denken in een iets grovere schaal: het tempo, de maat, het ritme, de aanslag, e.d. omdat je daar bij het musiceren zelf invloed op hebt.

Van de drie muzikale hoofdaspecten: ritme, harmonie en melodie is het eerste fundamenteel, want als tonen niet veranderen in de tijd vormen ze geen melodie en als een harmonie niet verandert in de tijd, is het geen muziek, hoogstens een klank, maar ritme op een drum zonder harmonie en melodie kan beschouwd worden als muziek.

In dit opzicht is improvisatie in het voordeel boven spelen van bladmuziek. Notenschrift duidt de maat en de telling aan, maar die zijn slechts een onderdeel van ritme. Er is geen aanduiding van precies die dingen uit het ritme die de emotie raken, die op kunnen zwepen, een hemels gevoel kunnen geven, aanzetten tot dansen en bewegen, of juist tot meditatief contempleren. Ik denk aan milliseconden en fracties van decibels, de fijne details, die maken of het swingt of houterig klinkt. Beweeg met golvende polsen voor een hemelse sfeer, met stijve vingers voor een stoterige jazz, met je lichaam en benen voor dansmuziek, enz. De afstand van de hand tot de toetsen vlak voor de aanslag heeft veel effect, niet alleen op de luidheid, maar ook op de timing.
Handen hoog op de 2e tel geeft dit effect.
Jezelf niet belemmeren in natuurlijk bewegen bevordert de geestelijke inleving en daarmee de uitdrukking van je persoonlijkheid.

Doordat improviseren impulsief uiting geeft aan menselijke gevoelens, is het in staat rechtstreeks de harten van anderen te benaderen. (Dat kan ook irritant zijn, afhankelijk van de persoonlijkheid van de speler.) Wat een improvisator mist aan harmonie en melodie kan hij goedmaken met timing en toucher. Een tip is om je bij improviseren daarop toe te leggen. (Die vaardigheid komt ook het vertolken van bladmuziek ten goede.)

Het zwelpedaal van een orgel be´nvloedt alle tonen gelijktijdig. Een piano heeft de luxe om voor iedere toets afzonderlijk een complexe sterkteregelaar te bezitten. Hij heeft de mogelijkheid om gelijktijdig twee tonen te geven waarvan de ene zacht is en de andere luid. De aanslaggevoeligheid van een piano beperkt zich niet tot de luidheid, maar heeft ook invloed op het timbre en de aanzet. Bij de bouw van digitale piano's is gebleken hoe complex een pianotoon is. Het heeft jaren geduurd voordat het ergens naar leek en volmaakt is het nog steeds niet. Experimenteer met verschillende manieren van aanslaan bij eenzelfde stukje muziek. Het is typisch voor improviseren om de karakteristiek sterke kanten van een instrument uit te buiten. Dat geldt ook voor een orgel of accordeon of voor een valse piano. Mozart wordt notelijk gespeeld ofschoon zijn composities op een ander instrument zijn gemaakt. Een improvisator past zijn spel beter aan bij de omstandigheden.

Ook het pedaalgebruik van de piano is belangrijk. Als alle snaren ongedempt zijn, gaan ze met elkaar meetrillen op een zeer complexe wijze. De 'sympathic resonance', die dat zou moet realiseren in de digitale piano is met de huidige techniek zo magertjes, dat je het beter uit kunt zetten. Besteed veel aandacht aan het pedaal. Je kunt er een muziekstuk mee maken of breken.

Bij mijn speelvoorbeelden ben ik ervan uitgegaan dat de linkerhand de akkoorden maakt op een soort 'automatische piloot', bijvoorbeeld gebroken als de zogenaamde 'Alberti bas' (c e g e c e g e ....). Pas onlangs merkte ik dat niet iedereen zijn linkerhand gemakkelijk constant kan laten tikken onafhankelijk van de rechter. Tik (op de tafel, een blik of doos of dergelijke) met de linkerhand in een constant tempo en met de rechter willekeurig (het is duidelijker met de rechterhand te tikken op iets dat anders klinkt).
Klik hier om te horen wat ik bedoel.
Als je moeite hebt de linkerhand constant te houden kun je ˛f oefenen, ˛f aanvaarden. Zolang je niet met een ander samenspeelt, is een vrij ritme geen bezwaar en mogelijk zelfs plezierig om aan te horen. Als je het wel kunt, kun je onbeschrijfelijk complexe ritmefiguren maken waar toch op gedanst kan worden.
Klik hier om te horen wat ik bedoel.
HUISWERK:
Houd je akkoorden eenvoudig van structuur (les 01 tot 04 van het vorige jaar), maar besteed veel aandacht aan het toucher, de timing, het pedaal en complexe ritmes. Verkoop je spel.
<< Startpagina / Index van de cursus / Volgende pagina >